U bent hier
Home > Nieuws > Fusie met Purmerend

Fusie met Purmerend

Tijdens de Raadsvergadering van 9 januari j.l. heeft een meerderheid in de Raad (BPP tegen) ingestemd met een (geamendeerd) voorstel tot fusie met Purmerend. Een persoonlijke analyse mijnerzijds om het politiek debat hierover op een zorgvuldige wijze te voeden.

Toen een aantal jaren geleden politiek werd ingestemd met ambtelijke samenwerking met Purmerend, leek dit een ‘collectieve bezweringsformule’ om het taboewoord fusie (het F-woord) niet te hoeven uitspreken. De ambtelijke samenwerking was de oplossing  om het tekort aan ‘bestuurskracht’ (vermogen om met voldoende kennis van zaken op het juiste moment de juiste beslissingen te nemen) op te lossen. De gemeente kreeg in die tijd een aantal wettelijke taken die voorheen elders (provincie, rijk) lagen. Met ook financiële consequenties. Maar het gevoelen was toen dat onze polder voldoende financieel draagkracht had.  In termen van een toen veelgebruikte beeldspraak: Beemster en Purmerend gingen een ‘lat (living apart together) relatie aan. Het publieke debat stopte. Want niet politiek opportuun.

Daar kwam abrupt een einde aan door het artikel van burgemeester Joyce van Beek in het Noordhollands Dagblad. Zij benoemde een aantal knelpunten:

1.Ambtelijke samenwerking blijkt niet de oplossing van het probleem

2.Beemster heeft wel degelijk (ook) een financieel probleem. We dreigen onder curatele van de provincie te geraken

3.Het is een acuut en structureel probleem

4.Deze moet snel het hoofd geboden worden

5.Het gevoelen bestaat dat er voor deze fusie ook draagvlak is bij ‘de bewoners’.

6.Dat kan (op redelijk korte termijn) uitsluitend door een fusie met Purmerend

7.Het is onterecht dat Purmerend in deze discussie de ‘zwarte Piet’ krijgt toebedeeld. Ze waren juist ruimhartige verkeringspartner.

8.Deze standpunten worden unaniem gedragen door het gehele College (laat ik nu even buiten deze politieke beschouwing).

Het politieke debat was weer ‘op de wagen’. Het woord fusie niet langer taboe. Na mijn afscheid van de Raad (ik ben dus feitelijk ook een van de actoren in het proces) heb ik bewust afstand genomen. Deze discussie leek me echter van groot ‘politiek en historisch’ belang en heeft me tijdelijk weer teruggebracht  naar de Raadzaal. Als betrokken burger. Van betekenis is dat ik, door de genomen afstand van het politieke circuit, niet veel meer (recente) informatie over dit onderwerp heb dan de ‘gemiddelde burger’. Mij vallen een aantal zaken op:

1.Dat er een breed gedragen consensus is dat ambtelijke samenwerking niet de oplossing is. Daar ligt een onderzoek(srapport) aan ten grondslag.

2.Dat er ook een financieel probleem ligt, wordt niet door elke partij vol overtuiging gesteund. Althans, de BPP erkent weliswaar de begrotingsproblematiek maar ziet in ons gebied ‘potentiele rijkdom’. De andere partijen zijn daar minder optimistisch in gestemd.

3.Met in achtneming van wat ik bij punt twee gezegd heb, zijn alle partijen wel doordrongen van de ernst van de situatie.

4.Een belangrijke rol speelt ‘draagvlak en betrokkenheid’ van de bewoners.  De Raad is bijna vier jaar geleden gekozen en op basis daarvan is een College geformeerd. De centrale vraag is: ‘mag’ (bewust tussen aanhalingstekens) een Raad en College een besluit nemen over dit belangrijke onderwerp op basis van een vier jaar geleden gegeven mandaat? Waarom niet wachten tot na de gemeenteraadsverkiezingen van maart. Waarbij de burger middels zijn stem invloed kan uitoefenen op de definitieve besluitvorming. Dat is althans het standpunt van de BPP.  Eerlijk gezegd kan ik op basis van de discussie geen zinnige uitspraak doen over de urgentie. De overige politieke partijen, elk weliswaar met eigen nuances, zijn wel doordrongen van de haast. Dus hebben zij op dinsdag 9 januari ingestemd met het fusieproces. Ik meen in de discussie wel een onderlaag van ‘brexit-vrees’ en ‘Trump-politiek’ te vernemen. Een ander belangrijk onderscheid is de ’status’ van het genomen besluit.  De overige vier partijen zien het als een ‘voorbereidings- of principebesluit’ waarin gaande het proces nog voldoende stappen zijn opgenomen om de bevolking te informeren en consulteren.

5.Wat opvalt is dat het op de publieke tribune niet opvallend veel drukker was dan normaliter. Geen spandoeken, Bijna geen insprekers. Wellicht dat het debat een ander medium kiest (sociale media). Mijn indruk is dat de ‘tegenstanders’ zich daarop nadrukkelijk laten horen en daarmee het algemene beeld beïnvloeden.  Mijn gevoelen is ook dat over het algemeen de bewoners wel doordrongen zijn van de ernst van de zaak.

6.Grappig. Niet de fusie is taboe, maar met wie en op welke snelheid. Dat Purmerend in ieder geval een voor de hand liggende partner is, lijkt me evident. We hebben immers met deze partner ‘verkering’ gezocht. Maar moeten we dan niet gelijk ‘opschalen’ naar een Groot Waterland. De tijd nemen  om de mogelijkheden hiertoe althans uit te zoeken. De BPP wil deze tijd nemen. De andere partijen voelen de urgentie om nu een besluit te nemen. Op basis van uitspraken in de Provincie en van de andere mogelijke partners, zien zij hierin niet echt heil. Op basis van een door de VVD ingediend amendement (gesteund door alle partijen behalve de BPP) moet er “met onze beoogd fusiepartner, op korte termijn collegebesprekingen worden gevoerd met omliggende gemeenten of zij bereid zijn mee te doen aan onze herindeling”.  Het gaat uiteindelijk om strategische keuzes en om de vraag welke ‘politieke macht’ de Beemster als plattelandsgemeente terugkrijgt in een nieuwe politieke constellatie. Mede daarom kiest de BPP voor een samenwerking met andere ‘overeenkomstige’ partners.

7.Toegegeven. De dienstverlening, vooral in het publieke domein zichtbaar, was de afgelopen jaren afgenomen. De openbare ruimte was stapje voor stapje aan het ‘verloederen’. Bijvoorbeeld het wegen- en groenonderhoud. Dit was ongeveer gelijktijdig ingezet met de ambtelijke samenwerking. Dit ging dus als ‘bewijs’ fungeren dat de samenwerking met Purmerend voor ons alleen maar negatief zou uitwerken. Purmerend kreeg de zwarte piet toebedeeld. Tijdens de vergaderingen kwam ook een ander beeld naar voren. Purmerend had zich juist ruimhartig opgesteld om mee te helpen ‘onze’ problematiek  op te lossen. Ze kregen stank voor dank.

Tijdens de vergadering van 9 januari heb ik tenminste twee politieke partijen (PvdA/Groen Links en BPP) een uitspraak horen doen over het houden van informatiebijeenkomsten. Binnendijks heeft aangeboden om in het kader van de verkiezingen de politieke partijen gratis ruimte te bieden om hun standpunt kenbaar te maken. Wat mij betreft wordt er ook ruimte geboden aan het College om meer dan tot nu toe informatie te verstrekken over hun beweegredenen. Om daarmee een zuivere politieke discussie te kunnen blijven voeren.

Geert

Op de foto heeft Raadslid Henk Vinke (PvdA/Groen Links) de voorzittershamer tijdelijk overgenomen van portefeuillehouder burgemeester van Beek. Dit bood haar en Nico de Lange de gelegenheid om inhoudelijk deel te nemen aan het politieke debat.

Top