U bent hier
Home > Nieuws > Over en uit voor het Roofvogelcentrum

Over en uit voor het Roofvogelcentrum

Bert Schoo moet zijn Roofvogelcentrum vanwege Europese regelgeving sluiten. Op zondag 29 september is de laatste keer dat men het Roofvogelcentrum kan bezoeken en dan is het echt over en uit. “Volgens de regelgeving moeten alle roofvogels in ruime volières worden ondergebracht en dat kan ik financieel niet opbrengen. De toegangsprijs die ik vraag is net voldoende voor de voeding.”

Maar wat gaat er met de vogels gebeuren? Volgens Bert gaat er een vogel terug naar de kweker. “Deze wilde hem graag terug hebben. De vogel kwam daar tien jaar geleden vandaan. Er zijn diverse mensen die wel de mogelijkheid hebben om ze te huisvesten. Een steenuil heeft niet zo’n groot kooitje nodig. De drie Oehoe (uilen) soorten gaan allemaal tegelijk naar dezelfde baas in Friesland.” Die wil ze allemaal graag hebben en dat is voor mij wel zo prettig.” Zijn Bosuil en zijn Europese Oehoe blijven bij Bert. “De Havik en de Slechtvalk blijven ook want daar valkenier ik mee, daar jaag ik mee. Dat zijn jachtvogels en die vallen een beetje buiten de regels. Want om een Havik in een kooi te doen, die vliegt zich meteen te pletter.”

De Europese Oehoe is van kleins af aan groot gebracht door Bert. “Ik heb hem nu al twaalf jaar en het contact is zo goed met z’n tweeën, daarom wil ik hem houden.’’ ‘’Ze gaan zo direct vogels bij je weghalen maar waar gaan ze heen?’’ ‘’Het is alsof ze een kind bij je weghalen. Het zijn allemaal gekweekte vogels die je vervolgens nooit meer ziet. Waar ze naar toegaan wordt niet verteld.”

‘Ze’ dat zijn de controlerende instanties zoals de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, de Landelijke Inspectie Dierenwelzijn en de Politie.

“Nooit, never, niet”
“Vanochtend belde er nog een dame met de vraag hoe ik dat allemaal ging bekostigen en of er geen crowdfunding kan worden opgestart. Maar ik weet nog niet eens wat de kosten zijn van de kooien” aldus Bert. Maar mocht er een bedrijf zijn die hem wil helpen om de kooien te bouwen dan is hij daar blij mee. Uiteindelijk moet het een kooi worden van 9 meter lengte waar de twee uilen en de valken in terecht zouden kunnen.

Bert gaat verder als valkenier, hij heeft daar zijn papieren voor. Binnenkort gaat hij weer op hazen- en fazanten jacht. Hij blijft wel de opleiding geven aan mensen die valkenier willen worden. Maar die opleiding kost een hoop geld en daar haken veel mensen op af.

Het Roofvogelcentrum houdt op te bestaan. De meeste vogels zijn weg en volgens de richtlijnen mag Bert maar 4x per jaar voor educatieve doeleinden open zijn maar dat is ”helemaal niks”. 29 september is de laatste gelegenheid om het centrum te bezoeken en dan stopt het. “Het is jammer voor de omgeving maar ik blijf wel roofvogels revalideren. Nu nog steeds komen mensen met een Kerkuil binnen met een gebroken pootje. Ik ga ze niet wegbrengen naar een opvang maar revalideer ze zelf en dan laat ik ze weer los in de vrije natuur en dan doe ik niets verkeerd.”

Bert heeft al die tijd alles uit eigen zak betaald en volgens hem “nooit gebedeld om geld, nooit never niet”.

Remco

Top